
Nieuwe CircuLaw-handreiking: sturen op circulaire bedrijventerreinen
24-09-2026
In opdracht van de provincies Zuid-Holland en Noord-Holland ontwikkelde CircuLaw de handreiking Sturen op circulaire bedrijventerreinen. De handreiking laat zien welke juridische instrumenten gemeenten kunnen inzetten om concreet en juridisch houdbaar te sturen op toekomstbestendige bedrijvigheid, activiteiten, processen en bedrijventerreinen.
Bedrijventerreinen spelen een sleutelrol in de overgang naar een circulaire economie. Juist hier komen productie, logistiek, verwerking, hergebruik en opslag van grondstoffen samen. Tegelijkertijd staat de ruimte voor bedrijvigheid onder druk, terwijl circulaire activiteiten vaak specifieke ruimte, milieuruimte, infrastructuur en samenwerking vragen.
Raamwerk
De publicatie biedt gemeenten een praktisch raamwerk om circulariteit te vertalen naar ruimtelijke keuzes en juridische maatregelen. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen vier schaalniveaus:
- het bedrijventerrein als geheel
- het individuele bedrijfsperceel
- de bedrijfsprocessen
- de aard van de bedrijfsactiviteit
Per schaalniveau beschrijft de handreiking welke instrumenten beschikbaar zijn, hoe deze werken en wanneer zij kunnen worden ingezet. Denk aan de omgevingsvisie, omgevingsprogramma’s, het omgevingsplan, vergunningverlening, grondbeleid, tenderbeleid, erfpacht, subsidies, convenanten, BIZ en ondernemersfondsen.
Samenhang
Een belangrijke conclusie is dat er niet één instrument is waarmee gemeenten circulariteit kunnen realiseren. Effectieve sturing vraagt om samenhang en gecombineerde inzet van instrumenten: ambities moeten worden vastgelegd in beleid, uitgewerkt in programma’s en waar mogelijk juridisch worden geborgd in regels, vergunningen of andere instrumenten.
De handreiking benadrukt ook het belang van timing. Bij nieuwe bedrijventerreinen en herontwikkelingen is de sturingsruimte groot en kunnen circulaire ambities vanaf het begin worden verankerd. Op bestaande terreinen is die ruimte beperkter. De transitie vraagt hier om een combinatie van faciliteren, stimuleren en (waar mogelijk) juridisch begrenzen.
