Beta
versie -
Artikelen

Hulp voor de circulaire gemeente | VNG

12 april 2024

nterview verscheen in VNG Magazine nummer 6 op 12 april

Tekst: Pieter van den Brand

Bestaande regels bieden gemeenten volop instrumenten om werk te maken van circulariteit, van het stimuleren van houtbouw tot het tegengaan van voedselverspilling. CircuLaw, een initiatief van de gemeente Amsterdam, maakt het instrumentarium inzichtelijk.

De Nederlandse circulaire ambities liegen er niet om, en ook gemeenten moeten aan de slag. In 2030 moet het gebruik van primaire grondstoffen zijn gehalveerd, in 2050 moet onze economie volledig circulair zijn.
Het vorig jaar verschenen Nationaal Programma Circulaire Economie (NPCE) beschrijft hoe dit doel te bereiken is: minder en andere grondstoffen gebruiken (biobased in plaats van fossiel), zorgen dat producten door reparatie een langere levensduur hebben en hoogwaardig hergebruik stimuleren door bijvoorbeeld van een oude spijkerbroek weer een nieuwe te maken en geen poetslap. Voor vijftien productgroepen waar waardevolle grondstoffen in zijn verwerkt, van elektrische apparaten tot windturbines, zijn juridische maatregelen geformuleerd of in de maak. Zo gelden er circulariteitseisen in aanbestedingen voor windturbineparken en zonnepanelen. Het ministerie verkent de productgroepen die nog meer onder het NPCE kunnen vallen. Er wordt onder meer gekeken naar elektrolysers en ­batterijen in elektrische voertuigen.
Gemeenten zijn een belangrijke schakel in de uitvoering van het nationaal programma. De meeste gemeenten koesteren zelf circulaire ambities. Zo stimuleren ze circulair bouwen, voeren ze een diftarbetaalsysteem voor restafval in om meer grondstoffen apart in te zamelen of richten ze samen met de kringloopwinkel ‘retourshops’ in, waar afgedankte spullen een tweede leven krijgen. Veel gemeenten zijn ook bezig hun inkoopbehoefte circulair in te vullen. Als gemeenten in hun inkoopcontracten en aanbestedingen circulariteitseisen stellen, dan kan dat er weer toe leiden dat producten meer circulair en dus beter recyclebaar worden ontworpen. Circulariteit begint immers aan het begin van de keten en niet aan het eind bij de afvalbak.

Normeren is ook nodig, anders kom je niet tot verdere opschaling

Black box
Regelgeving biedt gemeenten volop de instrumenten om circulariteit een slinger te geven. Veel van deze regelgeving is echter nog een black box, ontdekte circulair innovatiestrateeg Arjan Hassing van de gemeente Amsterdam, toen hij zo’n vier jaar geleden meeschreef aan het circulaire beleidsplan van de gemeente. ‘In ons plan wilden we ook regels, eisen en criteria stellen om circulariteit in de uitvoeringspraktijk te stimuleren. Plannen maken en inwoners en bedrijven prikkelen en ondersteunen is goed. Dat moeten we ook blijven doen, maar normeren is ook nodig, anders kom je niet tot verdere opschaling van circulariteit. Tegelijkertijd vroegen we ons echter af hoe we dat concreet in moesten vullen. Er bleek geen overzicht van dit soort juridische instrumenten te bestaan. In ons uitvoeringsprogramma hebben we toen een plek opgenomen om de regelgeving in beeld te brengen.’

Rijp en groen
Ondersteund door ontwerpbureau Dark Matter Labs, gespecialiseerd in transitievraagstukken, maakte Hassing een rondje langs gemeenten, provincies en universiteiten. Dat leverde een flinke stapel wetgeving op, rijp en groen door elkaar. ‘Het waren allemaal kleine stukjes regelgeving die in verschillende wetten en regels zijn terug te vinden, niet op een centrale plek. Naast de afvalwetgeving zijn er nog veel meer vindplaatsen in zowel het publiek als het privaat en fiscaal recht. Met deze wetsbepalingen is het mogelijk om aanvullende eisen te stellen om circulariteit te bevorderen.’
Verder zag Hassing dat er in de praktijk nog weinig van deze regelgeving wordt toegepast. ‘Dat is ook begrijpelijk’, zegt hij. ‘De mensen die er in de praktijk mee aan de slag moeten, denk aan beleidsmakers, projectleiders en inkopers, zijn geen juristen en hebben deze kennis niet. De juristen zelf zijn doorgaans verregaand gespecialiseerd in één gebied van het recht. Wetgeving is een ingewikkeld woud en je moet gericht kunnen kijken aan welke knoppen je moet draaien. Via de Omgevingswet kun je bijvoorbeeld voedselverspilling door horecabedrijven tegengaan in de vergunning. Maar dat moet je wel weten.’

Inzichtelijk
Hassing en zijn team wilden de regelgeving inzichtelijk maken en direct bruikbare juridische instrumenten destilleren. Voor het doorvlooien van de wetgeving schakelden ze studenten in, later aangevuld met ervaren juristen van Flux Partners en de circulaire experts van Metabolic. ‘Samen met een aantal juridische faculteiten hebben we een gestandaardiseerde methodiek voor wetsanalyses ontwikkeld, waarbij we gericht met specifieke thema’s aan de slag zijn gegaan.’ De thema’s (zie kader) haken aan bij de productgroepen, zoals deze ook in het NPCE terugkomen. ‘Voor alle fases van een product, van het ontwerp tot het afdanken, hebben we de instrumenten die circulariteit kunnen bevorderen op een rij gezet.’

Gemeenten kunnen het voorkomen van voedselverspilling opnemen in de omgevingsvergunning

Platform
Om de gewenste centrale plek voor de circulaire regelgeving te realiseren, nam Hassing samen met een aantal collega’s en de betrokken medewerkers van Dark Matter Labs het initiatief voor een digitaal platform, CircuLaw gedoopt, dat nu twee jaar in de lucht is. ‘We wilden deze instrumenten niet alleen voor onze eigen gemeente inzichtelijk maken, maar dachten meteen dat andere gemeenten daar hun voordeel eveneens mee kunnen doen. We kunnen zo ook van elkaar leren.’ Bij elk thema staan de beschikbare juridische instrumenten – de ‘knoppen om aan te draaien’ – opgesomd. Voor het stimuleren van houtbouw zijn dat maar liefst 38 instrumenten. ‘De komende drie maanden komen er nog volop thema’s bij. We zitten nu vol in de productiemodus.’

Omgevingswet
Mogelijke kandidaten zijn textiel, elektrische apparaten, organische reststromen, gebiedsontwikkeling, woningen en sportvelden. ‘We zijn heel blij dat de Omgevingswet nu van kracht is. De helft van de instrumenten die we op CircuLaw presenteren, is daarop geënt. Het is cruciaal dat gemeenten hiermee aan de slag gaan in de praktijk. Als ze de instrumenten gebruiken die wij aanreiken, ontstaat er vanzelf meer jurisprudentie en kunnen wij het instrumentarium op CircuLaw verder aanscherpen.’
Het is de bedoeling dat CircuLaw de komende jaren ook wordt verrijkt met praktijkvoorbeelden van gemeenten en andere overheden. ‘We zijn pas begonnen. Veel gemeenten zijn de instrumenten nu aan het ontdekken’, zegt Hassing. De interesse is groot. De website trok vorig jaar achtduizend unieke bezoekers. Hassing wil gaan volgen welke organisaties er precies van de instrumenten gebruikmaken en hoe. ‘Daar ontwikkelen we een monitoringsysteem voor. We voeren veel onderzoek onder gebruikers uit, ook om de instrumenten te verbeteren. Met de wetsanalyses gaan we door. Een aantal overheden betaalt hieraan mee en alle kennis is open source, dus voor iedereen beschikbaar. Op de instrumenten zelf hebben we al veel enthousiaste reacties gehad.’
Binnenkort gaan ook de dertig gemeenten in de Metropoolregio Amsterdam aan de slag met het instrumentarium van CircuLaw.

CIRCULAW

CircuLaw biedt op vijf thema’s tientallen instrumenten voor gemeenten om circulariteit een slinger te geven:
1. Voedselverspilling: blijft een hardnekkig probleem, veel ongebruikt voedsel wordt weggegooid; gemeenten kunnen het voorkomen van voedselverspilling opnemen in onder meer contracten en de omgevingsvergunning.
2. Meubels: 90 procent van afgedankte meubels belandt nog bij het grofvuil: subsidiëren van lokale ambachtscentra voor hoogwaardig hergebruik kan de meubelketen meer circulair maken.
3. Houtbouw: vergeleken met beton is hout een milieuvriendelijk bouwmateriaal; door bijvoorbeeld een verplichte sloopmelding in te voeren krijgt de gemeente inzicht in de beschikbare hoeveelheid hout voor hergebruik.
4. Windturbines: gemeenten kunnen windenergie stimuleren door eisen te stellen bij onder meer de gronduitgifte voor woningen en bedrijven; bij aanbestedingen kunnen ze circulaire windturbines eisen, die beter recyclebaar zijn.
5. Matrassen: zorg ervoor dat inwoners oude matrassen bij het grofvuil inleveren en niet op straat gooien, want nat en vervuild zijn ze niet te recyclen; verbied buitenreclame voor niet-circulaire matrassen.